Bordeaux is twee dingen tegelijk: een havenstad aan de Garonne in het zuidwesten van Frankrijk én de naam van de wijnstreek die eromheen ligt. Wie een fles bordeaux koopt, drinkt dus wijn uit de streek en niet per se uit de stad.
Voor je reis betekent dat een keuze. De stad bezoek je voor haar achttiende-eeuwse centrum, terwijl de wijngebieden en de Atlantische kust binnen een dagtocht bereikbaar zijn.
De stad Bordeaux aan de Garonne
De oude haven ligt in een bocht van de rivier die de vorm van een maansikkel heeft. Daaraan dankt het centrum zijn bijnaam Port de la Lune, haven van de maan. Onder die naam staat het historische centrum sinds 2007 op de werelderfgoedlijst. Volgens UNESCO telt het 347 beschermde gebouwen en heeft alleen Parijs er in Frankrijk meer.
Het stadsbeeld stamt grotendeels uit de achttiende eeuw, de bloeitijd van een haven die al sinds de twaalfde eeuw handel dreef met Groot-Brittannië en de Lage Landen. Dat zie je het best op deze plekken:
- Place de la Bourse met de Miroir d’eau, het waterbassin waarin de gevels weerspiegelen
- de Porte Cailhau en de torenspits van Saint-Michel in het oude centrum
- het Grand Théâtre, het operagebouw
- de wijk Chartrons
- de Cité du Vin, het museum over wijnculturen uit de hele wereld
De wijnstreek en haar zes deelgebieden
De wijngaarden beginnen al aan de stadsrand. Het toeristenbureau van Bordeaux verdeelt de streek in zes wijngebieden, die elk hun eigen appellations hebben:
- Médoc
- Graves en Sauternes
- Saint-Émilion, Pomerol en Fronsac
- Entre-Deux-Mers
- Blaye en Bourg
- Bordeaux
Je hoeft geen auto te huren om een wijngoed te zien, want enkele châteaus bereik je met tram of bus. De streek is een van de bekende Franse wijngebieden, naast onder meer de Bourgogne, de Champagne en de Loire.
Saint-Émilion, wijndorp op de werelderfgoedlijst
Ten oosten van de stad ligt Saint-Émilion, een middeleeuws dorp dat zijn naam dankt aan de monnik Émilion. Volgens de overlevering vestigde hij zich hier in de achtste eeuw als kluizenaar in een grot (bron: toeristenbureau van Bordeaux). Het dorp en zeven buurgemeenten vormen samen de Juridiction de Saint-Émilion, een wijnlandschap dat sinds 1999 werelderfgoed is (bron: UNESCO).
Bijzonder is de monolithische kerk, die uit de kalksteenrots is gehouwen. Onder het dorp en de wijngaarden lopen daarnaast gangen van oude steengroeven. In Saint-Émilion kom je vanuit Bordeaux ook met de trein.
Naar de kust: Arcachon, de Dune du Pilat en Lacanau
De baai van Arcachon staat bekend om haar oesters en ligt volgens het toeristenbureau op minder dan één uur met de auto of de trein. Aan de ingang van de baai rijst de Dune du Pilat op, volgens de beheerder van het duin het hoogste van Europa. Het is 100 tot 115 meter hoog en schuift elk jaar 1 tot 5 meter landinwaarts, over het bos heen (bron: toeristenbureau van Bordeaux).
Van Pasen tot Allerheiligen staat er een trap tegen de helling. Buiten die periode klim je door het zand omhoog. Zoek je een oceaanstrand in plaats van een baai, dan rijd je naar Lacanau in de Médoc. Voor een langer verblijf aan de kust zijn campings in Frankrijk een gangbare keuze.
Verder weg: de Périgord en Cognac
Twee uitstapjes liggen verder weg. In de Périgord, in het departement Dordogne, vind je de prehistorische grotschilderingen van Lascaux en het stadje Sarlat. De originele grot is gesloten voor publiek. Je bekijkt de schilderingen in Lascaux IV in Montignac, een volledige replica van de grot (bron: Lascaux). Beynac-et-Cazenac, La Roque-Gageac en Saint-Amand-de-Coly dragen er het keurmerk Les Plus Beaux Villages de France.
In de Charente ligt de stad Cognac, bekend van de cognachuizen. Voor beide streken is een overnachting onderweg prettiger dan heen en terug op één dag. Een vakantiehuis op het platteland is dan een logische uitvalsbasis.
De beste reistijd
De stad en de wijngebieden bezoek je het hele jaar, want musea en proeverijen hangen niet van het weer af. Voor de kust ligt dat anders: het strandseizoen valt in de zomer en de trap op de Dune du Pilat staat er alleen van Pasen tot Allerheiligen.
Wil je de druivenoogst meemaken, kijk dan vooraf wanneer die begint. In Saint-Émilion viert de Jurade, het plaatselijke wijnbroederschap, het begin van de oogst elk jaar met de Ban des Vendanges (bron: toeristenbureau van Bordeaux).
Naar Bordeaux reizen vanuit Nederland
Je hebt drie mogelijkheden om er te komen:
- Met het vliegtuig land je op de luchthaven Bordeaux-Mérignac. Tramlijn A brengt je in 35 minuten naar het centrum (bron: toeristenbureau van Bordeaux).
- Met de trein ligt de route via de Franse hoofdstad voor de hand. Wie met de trein naar Parijs reist, heeft het eerste deel van de rit al afgelegd.
- Met de auto krijg je onderweg te maken met tol op de Franse snelwegen. Controleer vóór vertrek ook of je een milieuvignet nodig hebt.
Hoeveel dagen trek je ervoor uit?
Voor de stad alleen volstaat een lang weekend. Reken op vier tot vijf dagen zodra je er één wijngebied en de kust bij wilt nemen. Staat ook de Périgord of Cognac op je lijst, trek er dan één week voor uit.